Martin BrilHet is sowieso het verkeerde seizoen. Nee, het is sowieso veel te vroeg. Dat moet ik eigenlijk als eerste zeggen. Het is sowieso veel te vroeg. 49 is geen leeftijd om te gaan. Om de deur dicht te gooien en de dagelijkse realiteit te verlaten voor de eeuwige jachtvelden. Maar het is ook het verkeerde seizoen. Ik heb daar namelijk wel eens over nagedacht. Wanneer ik wil gaan. Nu heb je daar meestal geen invloed op. Maar vetrekken in de lente lijkt mij niks. Te mooi, te energiek, te jong. De lente nodigt uit tot meer. Niet tot een afsluiting. Wanneer is de wereld, nou ja Nederland, nu mooier dan juist deze weken. Zeker met dit weer. Of je moet juist willen gaan met dit beeld op je netvlies. Mocht er dan toch een hiernamaals zijn dat je dan in ieder geval een mooi laatste beeld hebt van de wereld. Die mooie aardkloot met haar blauwe luchten, lichtgroene bladeren en frivole bloesem.
Ik zag hem voor het eerst in Zomergasten. Markant figuur dacht ik toen. Daar wil ik wel eens iets van lezen. Ik denk dat hij toen nog in Het Parool stond. Hij was in ieder geval nog niet het publieke figuur van de laatste jaren. Althans dat houd ik mezelf graag voor. Ik houd mezelf graag voor dat ik Bril al kende voordat het doorbrak tot het grote publiek. Voordat Bril een icoon werd. Met een dagelijkse column in de Volkskrant. Met Evelien op t.v. Met zijn ongezouten mening in De Wereld Draait Door. Ik kende Bril daarvoor al. Niet dat het een donder uitmaakt. Maar soms krijg je daar een lekker gevoel van. Het gekke met Bril was dat hij nog meer een "bekende" leek dan al die andere "bekende Nederlanders". Misschien omdat hij verslag deed van het leven op de hoek. Het leven dat je kende. Zijn schetsen van het meisje op de markt, de man in het cafe, de vogel in Frankrijk, de bloesem in de Betuwe. Waar Bril over schreef dat had je ook wel een keer gezien. Alleen had jij niet dat er bij gedacht. Of zoals Campert het vandaag verwoorde, wij zien dingen. Bril wist waar dingen over gingen. Alledaagse dingen. Alledaagse mensen. Ik zal hem missen. Bril hoorde bij de dagelijkse rituelen. En die zij nu ineens weg. Ach hoor ik hem bijna zeggen: "op de eeuwige jachtvelden is het altijd lente en rokjesdag, wat wil een mens nu nog meer".
Geen opmerkingen:
Een reactie posten