White Water Bonanza & ElephantsOok geschikt voor familie's stond er in de LP. De tweedaagse rafting trip op de Seti, wel met verschillende "rapids" maar het was nergens een "white water bonanza". De Seti was met name geschikt voor mensen die wilden genieten van de prachtige omgeving. Allemaal helemaal waar, de hangbruggen over de rivier, waarover de mensen met gekleurde papaplu's liepen van de ene groene heuvel naar de andere groene heuvel, leverden prachtplaatjes op. Alleen dat geschikt voor familie's? Daar dacht ik toch iets anders over toen ik, Anne en de 6 anderen onder de omgekiepte boot lagen en naar beneden werden gezogen in de wild kolkende rivier....
Anne, ik en de gids konden ons op een gegeven moment vastgrijpen aan de boot, de anderen waren op miraculeuze wijze aan de kant van de rivier terecht gekomen. Eenmaal met behulp van de gids op een rots geklommen, zat de schrik er goed in. Gelukkig was de campingplaats een paar honderd meter verderop en konden we daar onder genot van een kop thee helemaal bijkomen. De gidsen + onze multi-inzetbare safety-kayaker ( zo bleek er ook een zeer goede kok in hem te schuilen) gooiden vervolgens een prachtige maaltijd op tafel, wat na deze avonturen bijzonder welkom was.
De volgende dag was misere, maar dat kwam voornamelijk door het weer. Het was 's nachts begonnen met regenen en onweren, met enkele verschrikkelijke klapppen. Sta je daar met je tentje in het open veld, met de kleren buiten aan de waslijn te drogen van het omkiep-avontuur. Daar moest ik wel even doorheen bijten. Eenmaal op de rivier was alles echter snel weer vergeten, zeker omdat vandaag nog een paar flinke "rapids" op het programma stonden. Met een ietwat voorzichtige gids hebben we die echter allemaal prima overleefd en anderhalf later stonden we bibberend van de kou weer veilig aan wal, waar onze multitask kayaker nog eenmaal een maaltijd in elkaar flanste.
Op naar Chitwan. Wisten wij veel dat het avontuur nog niet was afgelopen. De gids hield zoals afgesproken voor ons een public bus aan, die keurig stopte. Nu moet je voorstellen, een "public bus" betekent hier een bus uit de jaren '60 a '70 van het befaamde merk Tata, die zijn glorieuze jaren in India heeft beleefd en nu zijn pensioen mag slijten in Nepal. Dat betekent stoeltjes waar geen hond inpast, nou ja geen Nederlander, en een gebonk en gestoot waar je kotsmisselijk van wordt. Om dat te bevestigen hing er voor onze neus gelijk een vrouw uit het raam van de bus die haar maaltijd half verteerd weer op straat gooide. En toen zaten wij nog eens niet in de bus. Maar goed, wij wilden naar Chitwan.
Nu is hier momenteel tot begin volgende week het belangrijkste hindu-festival aan de gang, waarbij elke loslopende geit zo ongeveer wordt geofferd. Dat betekent dat iedereen zijn eigen geit meeneemt naar zijn of haar familie om aldaar de feestelijkheden in gang te zetten. U raadt het al, niemand heeft hier eigen vervoer, dus die geiten moeten ook met het OV. Zo zagen wij geiten vrolijk rondkijkend op het dak van een mini-van (zo'n Suzuki-busje), geiten achterin in de pick-up laadbak en jawel ook een geit in onze bus. Om de enige nog beschikbare plaats te bereiken moesten wij letterlijk over deze geit heenklimmen. De geit boeide het allemaal niet zoveel, maar Anne had twee hoorns die constant tegen haar knie aan beukten. Desondanks hadden we allebei wel medelijden met het beestje. Het lijkt me niks voor zo'n geit om urenlang in een bus te moeten hobbelen.
Anyway, rond 15:00 waren we in Chitwan. Nu zijn we ondertussen wel gewend aan allerhande beesten op de weg, de koeien lopen hier immers overal, maar de eerste olifant tegenkomen was toch wel een bijzondere aanblik. Die hobbelen hier namelijk vrolijk rond met hun vaste berijder die ze al vanaf de geboorte kennen. Vanmorgen tijdens het dagelijkse bad kon je goed zien wat voor een bijzondere band zij hebben met hun dieren. Morgen gaan we met de olifanten mee in bad en lekker meeschrobben aan de die dikke huid. Ik ben heel benieuwd...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten